Overslaan en naar de inhoud gaan
overzicht
18 januari 2021
Leestijd: 5 minuten
Thema: salaris en arbeidsvoorwaarden
Auteur: Guus Leenen

Wijzigingen met betrekking tot de salarisadministratie in 2021

In 2021 verandert er weer genoeg in regelgeving waar je als salarisadministrateur rekening mee moet houden. In dit artikel vind je een selectie van de wijzigingen.

/sites/default/files/styles/600px_wide/public/media/artikelen/2021-01/IJK_AFAS.jpg?itok=5d0nIeY4

Vrije ruimte werkkostenregeling 

Ons kabinet heeft voor 2021, net als voorgaand jaar, de vrije ruimte in de werkkostenregeling tijdelijk verruimd in verband met de coronacrisis. In 2021 bedraagt de vrije ruimte 3% voor de eerste € 400.000,00 van de loonsom van de werkgever. Over het meerdere bedraagt de vrije ruimte 1,18%. Dit besluit is terug te vinden in de kamerbrief uitbreiding economisch steun- en herstelpakket

Verruiming gerichte vrijstelling studie en scholingskosten

Deze gerichte vrijstelling ziet op kosten die een werknemer maakt om zichzelf te ontwikkelen, zodat hij (meer) inkomsten uit werk en woning kan verwerven. Tot en met 2020 kon een werkgever voor ex-werknemers geen gebruik maken van deze gerichte vrijstelling omdat er meestal sprake was van loon uit vroegere arbeid.

Vanaf 2021 wordt deze gerichte vrijstelling uitgebreid waardoor ook loon uit vroegere arbeid onder de vrijstelling valt. Voor werknemers die na ontslag scholing volgen om bijvoorbeeld een ander vak te leren, kunnen deze kosten gericht vrijgesteld vergoed worden. De beoordeling van deze vrijstelling vindt op dezelfde manier plaats als wanneer er sprake is van loon uit tegenwoordige arbeid.

De kosten van deze verruiming worden gefinancierd uit een verlaging van het percentage van de vrije ruimte over de tweede schijf van 1,2% naar 1,18%

Verlenging aangiftetermijn eindheffing WKR

Voor het aangeven van eindheffing WKR geldt voor het belastingjaar 2020 voor het eerst een latere aangiftetermijn. Eindheffing WKR over 2020 moet uiterlijk in het aangiftetijdvak van februari 2021 meegenomen worden en uiterlijk in maart 2021 betaald worden.

Vaste reiskostenvergoeding

De fiscale coronamaatregel die het mogelijk maakt om de vaste reiskostenvergoeding door te betalen aan thuiswerkers, is verlengd tot 1 februari 2021. Meer informatie hierover lees je in het artikel 'Coronamaatregel vaste reiskostenvergoeding verlengd tot 1 februari 2021'.

Premiedifferentiatie WW

Werkgevers die WW-premie betalen hebben sinds 2020 te maken met twee tarieven. Een laag tarief voor arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd en een hoog tarief voor, op een aantal uitzonderingen na, overige arbeidsovereenkomsten.

Soms moet de lage premie worden herzien. Dat is het geval als een werknemer meer dan 30% extra uren werkt dan contractueel is overeengekomen. Omdat het kabinet in 2021 veel overwerk verwacht in bepaalde sectoren in verband met de coronacrisis, is deze herziening ook voor 2021 opgeschort. Geen enkele werkgever in welke sector dan ook hoeft de premie in 2021 te herzien bij veel extra uren. 

Baangerelateerde investeringskorting (BIK)

In 2021 komt er tijdelijk een extra afdrachtvermindering bij. De BIK zorgt ervoor dat een deel van investeringen in bedrijfsmiddelen in de jaren 2021 en 2022 onder voorwaarden verrekend kunnen worden met loonheffing. Het percentage dat verrekend kan worden bedraagt op dit moment 3,9% tot investeringen van € 5.000.000,00 en 1,8% daarboven. Met de BIK helpt het kabinet werkgevers om investeringen te doen tijdens de coronacrisis. De BIK staat open voor bedrijven die vennootschapsbelasting of inkomstenbelasting betalen en daarnaast loonheffing afdragen voor werknemers.

Auto van de zaak

In 2021 geldt voor de meeste auto’s van de zaak een bijtelling van 22%. Voor auto’s zonder CO2-uitstoot geldt een bijtelling van 12% over de eerste € 40.000,00 van de cataloguswaarde. Daarboven geldt de normale bijtelling van 22%. De korting is niet gemaximeerd voor waterstofauto’s en voor bepaalde auto’s met geïntegreerde zonnepanelen. Voor deze auto’s geldt over de gehele cataloguswaarde een bijtelling van 12%.

Loondoorbetalingsplicht AOW-gerechtigden

Minister Koolmees heeft aan de tweede kamer voorgesteld om de loondoorbetalingsplicht van AOW’ers terug te brengen van 13 naar 6 weken. Hij wil dit in laten gaan op 1 april 2021. Deze aanpassing gaat voor AOW’ers ook gelden voor het opzegverbod bij ziekte, de re-integratieplicht bij ziekte en het recht op Ziektewet in geval van een fictieve dienstbetrekking of als de arbeidsovereenkomst eindigt op of vlak na de eerste dag van ongeschiktheid.

Levensloopregeling

Op 1 januari 2012 is de levensloopregeling afgeschaft. Tegelijkertijd is overgangsrecht ingegaan dat regelt dat een werknemer tot 1 januari 2022 de tijd heeft om opgebouwde aanspraken op te nemen. Doet een werknemer niets, dan geldt voor het saldo levensloop een fictief genietingsmoment op 31 december 2021.

Dit overgangsrecht wordt aangepast. Het fictieve genietingsmoment wordt vervroegd naar 1 november 2021. En de inhoudingsplicht wordt verschoven van de (ex-)werkgever naar de instelling waar het levenslooptegoed is ondergebracht. Er wordt geen rekening gehouden met levensloopverlofkorting, de tabel bijzondere beloning wordt toegepast en afhankelijk van de leeftijd van de levenslooptegoedhouder wordt de witte of groene tabel toegepast. 

Versoepeling van RVU-heffing

Een werkgever is een eindheffing verschuldigd van 52% over uitkeringen en bijdragen die aangemerkt kunnen worden als VUT-achtige uitkering. Vanaf 2021 wordt deze regeling versoepeld.

Het gaat om uitkeringen die worden toegekend in (maximaal) 36 maanden direct voorafgaand aan de AOW-leeftijd. Hiervoor geldt een drempelvrijstelling. Het bedrag van de vrijstelling wordt per maand berekend. De drempel is een bedrag dat na vermindering van loonheffingen gelijk is aan het nettobedrag van de AOW-uitkering voor alleenstaanden. Voor bedragen die uitkomen boven de drempel geldt de normale RVU-heffing van 52%.

De versoepeling geldt voor een periode van 5 jaar tot uiterlijk 31 december 2025. De medewerker moet uiterlijk op 31 december 2025 de leeftijd bereikt hebben die (maximaal) 36 maanden vóór de AOW-leeftijd ligt.

Verlofsparen

Vanaf 2021 wordt de regeling voor verlofsparen verruimd. Het is toegestaan om maximaal 100 weken verlof te sparen. Dit was tot en met 2020 maximaal 50 weken. Deze aanspraak op verlof is niet belast. Het gaat om een samentelling van verlof. Hierbij hoeft geen rekening gehouden te worden met geclausuleerd verlof zoals zwangerschapsverlof, kraamverlof, calamiteitenverlof, politiek verlof etcetera. Het verlof kan naar eigen inzicht ingezet worden om bijvoorbeeld een sabbatical te nemen maar ook om voorafgaand aan pensionering gedeeltelijk te stoppen of zelfs helemaal te stoppen met werken.

Laatste update: 15-01-2021


 

Klaar voor de volgende stap?

Bij IJK doen we wat we beloven. Graag gaan we met jouw organisatie in gesprek over het realiseren van doelen en ambities in (HR)bedrijfsvoering. Dit doen we samen met jou en onze toegewijde specialisten. Zij zorgen voor de juiste oplossing op het juiste moment. Dat kan door de inzet van dienstverlening op maat of implementatie van onze innovatieve software. Zo brengen we jouw organisatie verder.